CARBONATATIE VEZELCEMENTBOARD

Een bijzonder fenomeen dat kenmerkend is voor vezelcement platen is ‘carbonatatie’.

Na montage van de gevelbeplating zal het cement in de gevelplaat verder uitharden waarbij op moleculair niveau gebluste kalk (calciumhydroxide Ca(OH)2) in het cement m.b.v. koolstofdioxide (CO2) wordt omgezet in calciumcarbonaat (CaCO2). Bij dit proces komt water vrij. Dit carbonisatieproces gaat gepaard met krimp van de plaat. Deze chemische reactie zal sneller verlopen naarmate de plaat meer in contact komt met koolstofdioxide (CO2).

In hoeverre is dat nu van invloed in geval van gefrustreerde ventilatie?

Als gevolg van een relatief beperkt geventileerde luchtspouw wordt de lucht in de spouw minder ververst dan de buitenlucht. Hierdoor al de concentratie CO2 in de spouw lager zijn dan in de buitenlucht waardoor de hiervoor beschreven chemische reactie aan de beeld- en spouwzijde van de plaat niet gelijk zal zijn. Dit wordt aangeduid als differentiële carbonatatie. Omdat de gevelplaat dan aan de beeldzijde sneller krimpt dan aan de spouwzijde zal de plaat holstand gaan vertonen.

Mede door gefrustreerde ventilatie zal de luchtvochtigheid in de spouw, mogelijk ook als gevolg van temperatuurverschillen, niet gelijk zijn aan de luchtvochtigheid in de buitenlucht.
Aan de beeld- en spouwzijde heersen derhalve andere condities waardoor het drogend vermogen aan de beide zijden van de plaat ongelijk is. In dat geval zal de droogkrimp aan de meest droge zijde, de beeldzijde, het grootst zijn. Dit zal mede tot gevolg hebben dat de plaat zal kromtrekken.

We kunnen derhalve vaststellen dat de ventilatie mogelijkheden met name bij gevelbekleding met vezelcement platen veel aandacht behoeft. Bij onvoldoende ventilatie versterkt de combinatie van de hierboven genoemde omstandigheden de omschreven reactie waardoor een permanente holstand van de vezelcementgebonden gevelplaten optreedt in zowel de breedte- als de hoogterichting van de gevelplaat.

De optredende spanningen komen vooral tot uiting in het naar buiten krullen van de ‘oren’ van de gevelplaat. Als gevolg hiervan is er een permanente trekbelasting op de lijmverbinding, uiteindelijk een adhesieve breuk en/of delamineren van de verlijmde substraten tot gevolg hebbende ter plaatse van de hoeken (‘oren’) van de gevelplaten.

 

0 reacties

Plaats een Reactie

Reageren?
Hieronder kunt u uw reactie achterlaten!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *